Clermont-Ferrand – Religieuze gebouwen

Vandaag een uitgebreid stukje over de religieuze gebouwen in Clermont-Ferrand. Een meer uitgebreide uitleg over elk van de besproken gebouwen vind je terug op de website.

Ben je op zoek naar andere informatie over Clermont-Ferrand, dan vindt je die zeker op een van onze volgende pagina’s:

Basilique Notre-Dame-du-Port

Geschiedenis

De naam van dit gebouw komt wellicht verrassend over, want iedereen weet dat Clermont-Ferrand op vele honderden kilometer van de zee ligt. Het woord “Port” verwijst hier niet naar een haveninfrastructuur maar veeleer naar een opslagplaats, want deze wijk was vroeger één groot goederendepot.

Over de periode waarin dit gebouw werd opgericht is er weinig geweten. Ook over de verschillende fasen in de vormgeving van dit Romaanse bouwwerk vinden we heel weinig info. Het allereerste gebedshuis werd hier door Saint Avit tussen 571 en 595 opgericht. Saint Avit was de eerste bisschop van Clermont. Dit gebouw was eigenlijk al zwaar door de weersomstandigheden gehavend, toen het in 864 door de Noormannen – die toen een groot deel van de Auvergne bezetten – in brand werd gestoken.

Daarna liet bisschop Saint-Sigon het gebouw tussen 866 en 873 gedeeltelijk restaureren. Maar wellicht werd deze kerk op het einde van de IXe eeuw, tijdens een tweede aanvalsgolf van de Noormannen, opnieuw vernield. In die tijd noemde de kerk “Sainte-Marie-Pricipale” of “…-Princeps”, omdat het in de buurt lag van het kasteel van de Graven van Auvergne die toen de titel van “Princeps Arvernorum” voerden.

Uit de eenheid in stijl die je in deze hele basiliek terugvindt, mag je concluderen dat het huidige gebouw in een relatief korte tijdspanne werd gebouwd, tussen het einde van de XIe eeuw en het midden van de XIIe eeuw. Zo weet men uit een document dat de westelijke gevel in 1185, onder het episcopaat van Ponce de Polignac, al klaar was. Deze had alle priesters en gelovigen uit zijn bisdom aangespoord tot het geven van giften, waarmee de bouw van deze kerk kon gefinancierd worden.

De grote aardbeving die in 1476 Clermont-Ferrand trof, spaarde ook deze basiliek niet. De klokkentoren en het portaal stortten volledig in. Het portaal werd in de XVIe eeuw terug opgebouwd in een stijl, die schril contrasteert met de rest van het gebouw.

De klokkentoren werd tussen 1823 en 1825 terug opgetrokken en werd daarna nog eens door architect Mallay onder handen genomen, nadat de basiliek in 1841 al was geklasseerd. De buitenkant van deze “Notre-Dame-du-Port” werd een aantal jaren geleden gerestaureerd.

Wilt u meer te weten komen over de architectuur van de Basilique Notre-Dame-du-Port?

Cathédrale Notre-Dame-de-l’Assomption

Waar je u ook maar bevindt in deze grote agglomeratie, overal zie je de 108 meter hoge torenspitsen in het verlengde van de ‘rue des Gras’. Met deze realisatie heeft Viollet-le-Duc eens te meer een nieuwe interpretatie willen geven aan de gotische bouwstijl, die hij zo koesterde. Over het uiteindelijke resultaat kan er zeker gediscussieerd worden, maar één zaak staat vast: het geeft aan het gebouw zeker een zeer homogene uitstraling. Voor deze westelijke façade opgetrokken in basaltsteen uit Volvic, ligt nog een pui en een trap, die in 1902 werden aan toegevoegd.

Boven op drie verdiepingen van de torens staan torenspitsen uitgevoerd als achthoekige piramides. De torens zijn versierd met frontalen of wimbergen en opengewerkte pinakels. Dit hele ensemble werd in 1884 door architect Anatole de Baudot afgewerkt naar de plannen van Viollet-le-Duc. Het hoofdportaal wordt omkaderd met de beelden van heiligen en bisschoppen. Het timpaan toont het Laatste Oordeel. Daar boven zie je het grote roosvenster, dat duidelijk geïnspireerd is op de flamboyante roosvensters van het transept.

De zuidelijke zijgevel, gelegen aan de “place des Victoires”, was vroeger omgeven door de gebouwen van het bisschoppelijke paleis. De eerste drie traveeën, die rond 1350 werden opgetrokken, hebben een terras uitgevoerd in een zuiderse stijl. Op dit terras steunen luchtbogen, versierd met pijlertjes en waterspuwers. De versiering (die hier heel wat soberder is uitgevoerd dan langs de andere flank) is toch wondermooi uitgevoerd ter hoogte van het transept. Het transept heeft als bijzonderheid dat het niet uit het gebouw treedt. Het transept zit ingesloten tussen de aanzet van de twee torens, die ten tijde van Franse Revolutie werden gesloopt.

Meer weten over de geschiedenis en architectuur van de Cathédrale Notre-Dame-de-l’Assomption?

Eglise Notre-Dame-de-Prospérité

Geprangd tussen de huizen verrijst boven de “rue Kléber” de westelijke voorgevel. Hij is opgetrokken in de flamboyante gotische stijl. Het voorportaal wordt door twee torens en een groot roosvenster omkaderd. Zowel het voorportaal als het roosvenster worden omgeven door ietsje uit de gevel tredende schoormuren. Ze werden beide in het eerste kwart van de XVIe eeuw gerealiseerd, naar een ontwerp van Pierre Montoloys.

Uitgevoerd in een zeer ranke vorm bezit dit portaal een rijke versiering in de lavasteen uit Volvic en in arkozesteen uit Royat, voor wat het beeld betreft op de middenstijl. Dit beeld van “Notre-Dame-de-Prospérité” is een kopie uit 1920. Omdat de beelden op de deurposten jammer genoeg verdwenen zijn, moet men hier maar genoegen nemen met een versiering met baldakijnen en kleine klaverbladvormige boogjes in de uithollingen van de deurposten.

Daar boven zijn mooie pinakels aangebracht met een prachtig uitgewerkt stenen gebladerte. Ook de middenstijl eindigt in een pinakel, dat nagenoeg dezelfde motieven heeft als de zijdelingse pinakels. Het timpaan dat door de centrale pinakel in twee delen wordt opgedeeld, wordt omgeven door een spel van voussuren die eindigen in een uiterst fijn bewerkt stenen bladerdek op het frontaal.

Tussen het portaal en de balustrade zie je een kroonlijst versierd met druiven en wijnbladeren. Juist daar boven heb je dan de flamboyante balustrade versierd met uiterst fijn uitgewerkte wijnranken. Aan weerszijden van deze balustrade zie je twee prachtige waterspuwers, die je ook vindt bij de bovenste balustrade. Tussen deze twee balustrade heb je het grote roosvenster dat ingeschreven is binnen een vierkant met een zijde van vijf meter. Dit roosvenster is t.o.v. het portaal iets naar achteren geplaatst. Het bestaat uit acht sectoren versierd met concave en convexe bogen die zich dan verder ontdubbelen, om op die manier blaadjes te vormen met een spitsboogvorm.

Eglise Saint Pierre Les Minimes

In 1470 stichtte Saint-François de Paul een nieuwe kloosterorde, die hij de “Minimes” noemde. Een welbewust gekozen naam, want nederigheid was hun stelregel. In dat opzicht waren ze zeker verwant met de Franciscanen.Een kleine 200 jaar later vestigden zich een aantal van deze Minimenbroeders zich in Clermont in een gebouw, dat hen door Marguerite Saulnier, weduwe van François Lecourt, Heer van Montdory, werd geschonken.

Dit gebouw stond echter in een alles behalve gezonde omgeving: in een meander van de Tiretaine, nabij een stort.In 1630 bouwden ze hier een kapel, de latere “église Saint Pierre les Minimes”. Het was een sober gebouw opgetrokken in andesietsteen, volledig in de geest van hun levensstijl. Op aandringen van de inwoners besloot men in 1731 de kille gevel te verfraaien door er twee klokkentorens aan toe te voegen. Drie jaar later al werden deze twee torens weer afgebroken. In 1742 kwam er dan uiteindelijk toch één grote toren.

Meer te weten komen over de geschiedenis van de église Saint Pierre les Minimes?

Eglise Saint-Genès des Carmes

Dit was oorspronkelijk de “église Sainte-Anne des Carmes”, de kloosterkerk van de Orde van de Karmelieten. In 1288 had deze kloosterorde van een familie uit Riom een hôtel gekregen. Dit lag op de hoek van de toenmalige “rue des Aises” en de “rue des Crotas” en zou 500 jaar lang hun klooster zijn.

Saint-Genès werd in het jaar 600 geboren als Genésius. Als bisschop van Clermont liet hij hier op een perceel gelegen tussen de “rue St Esprit”, de “Boulevard de la pyramide” en de “rue de l’Hôtel-Dieu”, een kerk bouwen voor St Symphorien. Na zijn dood werd hij dan ook in deze kerk begraven. Na verloop van tijd ging men deze kerk dan ook de “église Saint-Genès” noemen. Tijdens de Franse Revolutie werd ze gesloten en in 1795 werd ze gesloopt.

Na de storm van de Franse Revolutie zochten de gelovigen uit deze wijk een plaats die hun geliefde kerk Saint-Genès kon vervangen. De mooie en grote “église Sainte Anne des Carmes”, die niet veraf lag, was dan ook het meest aangewezen alternatief. Deze kerk was in 1791 als nationaal goed door de stad Clermont aangekocht. Het stadsbestuur had ze eerst ter beschikking gesteld van Protestantse gemeenschap, maar had ze daarop terug opgeëist. De ramen van het schip waren toen dichtgemetseld en in het midden werden er twee rijen voederbakken geplaatst, zodat de ruimte kon gebruikt worden als paardenstal.

Wil je te weten komen wat er gebeurde met de église Saint-Genès des Carmes na de Franse Revolutie?

Verder bespreken we op onze website ook nog uitgebreid de volgende religieuze gebouwen in Clermont-Ferrand:

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Toerisme Puy-de-Dôme en getagged met , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s